Wandelen is een activiteit die in het leven en werken van veel filosofen een belangrijke rol heeft gespeeld. Frederic Gros geeft hiervan een aantal voorbeelden, zoals het wandelen bij Nietzsche (wandelen als metafoor voor de worsteling met het leven), Rousseau (wandelen om zichzelf terug te vinden), Kant (wandelen als denkdiscipline), Heidegger (wandelen als retraite en inspiratiebron) en Gandhi (wandelen als mystiek). De manier van wandelen past bij de sfeer van het filosofische werk dat we uiteindelijk leren kennen in de vorm van artikelen of boeken. Het wandelen is daarbij een mijns inziens veronachtzaamde manier om tot dit werk te komen. Het thematiseren van de filosofische dimensie van het wandelen maakt het tot een filosofische wandeling. Een filosofische wandeling is geen toeristisch uitje langs plaatsen waar beroemde filosofen hebben gewoond of gewerkt. Het is geen vorm van vermaak of trektocht langs wetenswaardigheden in de stad of natuur. De filosofische wandeling is een vorm van filosoferen. Het is een filosofische praktijk. Ik gebruik daarom sinds 2007 het filosofisch wandelen bij individuele consultaties, lessen en socratische oefeningen voor groepen.
In dit artikel wil ik een beeld geven van de vorm die dit filosofisch wandelen daarbij in de loop der jaren heeft aangenomen. Ik zal de beschrijving larderen met voorbeelden uit een filosofische wandeling die ik als een socratische oefening maakte in Angkor Wat in Cambodja met een groep van tien filosofen. Ik hoop met dit artikel de toepassing van het filosofisch wandelen in de filosofische praktijk te stimuleren en de gedachtenvorming erover te bevorderen, zodat vorm en inhoud zich verder kunnen ontwikkelen.
Klik hier voor het volledige artikel: Filosofie & Praktijk Katern VFP, juli 2013